Het streefbeeld van het Sarnámihuis is een bruisend erfgoedmuseum met een aantrekkelijke en gevarieerde programmering. Dit interactieve museum is dienstbaar aan de Haagse multiculturele samenleving en de Hindostaanse identiteit.
Missie Een huis voor de diaspora
De missie van Het Sarnámihuis is het beheren, behouden, beleven en benutten van het Surinaams Hindostaans erfgoed. Het Sarnámihuis positioneert zich als een Haags Hindostaans erfgoedcentrum. Het Sarnámihuis richt zich op het onderzoeken en ontwikkelen van de cultuur van de Hindostaanse gemeenschap in Nederland en Suriname. Het Sarnámihuis profileert zich als veelzijdig centrum voor kunst en cultuur. De nagestreefde veelzijdigheid blijkt uit de invulling van haar ambitieus programma. Educatie in de breedste zin van het woord, sociologische historische en culturele onderzoeken, muziek- en dansactiviteiten, literaire debatten en -ontmoetingen en filmvertoningen vormen samen een staalkaart van de hedendaagse culturele stand van zaken binnen de Nederlandse en Hindostaanse communiteiten.
Ambitie
Het Sarnámihuis is een ambitieuze organisatie, die zich binnen een periode van twee jaar wil ontwikkelen tot een onmisbare teamspeler op het speelveld van Haagse culturele en maatschappelijke instellingen. Het Sarnámihuis ziet een rol voor zich weggelegd als een activerend cultureel- en historisch Hindostaans erfgoedcentrum. Haar taakopvatting is aan de ene kant meer actief en stimulerend, wat zij ondersteuning waard acht. Aan de andere kant is zij meer passief en programmerend, wat zij belangwekkend acht voor een grotere groep.
Op 17 februari 2006 werd het Sarnámihuis feestelijk geopend aan de Brouwersgracht 2 in Den Haag. Het Sarnámihuis is een plek waar men terecht kan voor informatie over de Hindustaanse geschiedenis, taal en cultuur.
Het Sarnámihuis is opgezet volgens het concept van vijf domeinen:
documentatiecentrummuseumonderzoekvoorlichtingculturele evenementen
Het documentatiecentrum is in opbouw en zal laagdrempelig zijn met veel data in de vorm van bibliotheek collecties, archieven, foto’s en audiovisuele presentaties, met nadrukkelijk drie belangrijke doelen:
Kennis en informatie voor een breed publiek.Iedereen moet kunnen weten wie de Nederlandse Hindustaan is.Gebruik moderne communicatie: website en virtuele docucorner.
Het museum bestaat uit een aantal tentoonstellingsruimten met museale presentaties. Verder is er een ruimte ingericht als een authentiek Hindustaans woonerf. Daarnaast zijn er twee tentoonstellingsruimten in de kelder van het gebouw. Hier zullen wisselende tentoonstellingen worden georganiseerd.
De domeinen onderzoek, voorlichting en culturele evenementen zullen een reikwijdte hebben, die afhankelijk is van de beschikbare vrijwilligerscapaciteit. Over de Nederlandse Hindustanen (zowel in Nederland als in Suriname) is er een schat aan archiefmateriaal. Veel documentatie ligt verborgen in diverse archiefcentra zowel in Nederland als in Suriname en India. Dit alles is onvoldoende in kaart gebracht en onderzocht.
Anno 2011, 36 jaar na hun grote migratie naar Nederland, wonen er ongeveer 160.000 Hindustanen in Nederland. Hiermee is de concentratie van de Surinaamse Hindustanen in Nederland de grootste op het Europese vasteland.
Zoals bekend kwamen de eerste Indiase contractanten in 1873 naar het Koninkrijk der Nederlanden (Suriname) . De invoer van deze arbeidskrachten duurde tot 1916. In totaal brachten zo'n 64 schepen 34.304 contractarbeiders naar Suriname. De mensen waren Suriname ingevoerd met een arbeidscontract van 5 jaar om op de talrijke plantages tewerkgesteld te worden. Zij moesten meehelpen om de plantage-economie in stand te houden. De meeste contractanten kwamen uit de Brits-Indische deelstaten United Provinces (nu Uttar Pradesh (U.P.)) en Bihar. Na hun contracttijd maakten velen gebruik van de mogelijkheid om nog eens 5 jaar bij te tekenen. En na het einde van dit contract besloot tweederde van de aangevoerde contractarbeiders in Suriname te blijven en zich in de nieuwe omgeving te wortelen.
100 jaar na hun aankomst in Rijksdeel Suriname besloot een grote groep Hindustanen te emigreren naar Nederland. Dat gebeurde in 1974/75 naar aanleiding van de op handen zijnde staatkundige onafhankelijkheid op 25 november 1975. Veel Hindustanen waren geen voorstander van de onafhankelijkheid. Zij wilden verbonden blijven met het Koninkrijk, vanwege het ontbreken van sociale waarborgen. Ook speelde het element van op zoek naar een betere toekomst een belangrijke rol.
Thans wonen er ongeveer 160.000 Hindustanen in Nederland (1 % van de totale Nederlandse bevolking), waarvan 45.000 in Den Haag (10 % van de Haagse bevolking).
Teneinde bij te dragen aan het meer zichtbaar maken van de de Hindustaanse gemeenschap in de Nederlandse samenleving is in 2004 het Sarnámi Instituut Nederland (SIN) opgericht. Dit Instituut ontwikkelt zich snel tot een gesprekspartner van zowel de landelijke als de lokale overheid inzake de geschiedenis, taal en cultuur.
Het eerste resultaat van dit Instituut is de realisatie van het Nationaal Hindustaans Immigratiemonument op 25 juni 2004 in Den Haag (Hobbemaplein). Het tweede resultaat van het Instituut is de instelling van het Sarnámihuis in 2006 te Den Haag. Het Sarnámihuis richt zich op het vastleggen, begrijpen en onder de aandacht brengen van de geschiedenis, taal en cultuur van de Surinaamse Hindustanen.