De wisent of Europese bizon (Bison bonasus) is een stevig dier met een korte, brede kop en een hoge rug. De hoge rug van wisenten wordt door verlengde botten van de borstwervels gevormd.
Ruwe, warrige manen bedekken het voorste gedeelte van het lichaam, waardoor dit vooral bij de stier zwaarder lijkt.
De vrijegale kast anjebruine vacht vormt een goede schutkleur in de schaduw van een volwassen bos.
In de zomer hebben ze een korte gladharige zomervacht.
Tegen de winter worden de haren langer en ruiger en groeit er een fijne ondervacht tussen. Ook komt er een baard aan de keel, hals en kin en een brede haardos bij het achterhoofd.
De rui valt in de lente of aan het begin van de zomer.
Beide geslachten dragen boven gekromde hoorns, waardoor het gemakkelijker door een dicht stakenwoud kan vluchten. Bij koeien zijn de horens korter, smaller en minder sterk aan de basis dan bij stieren.
De wisent heeft een kop-romplengte van 250 tot 270 cm en een schouderhoogte van 180 tot
195 cm. Mannetjes (stieren) worden zwaarder dan vrouwtjes (koeien). Het mannetje weegt tussen 800 en 900 kg en het vrouwtje tussen 500 en 600 kg.
Leefgebied
De wisent komt voor in loofwouden of in gemengde bossen waar loofbomen domineren, maar ze leven ook in moerassige, bosachtige streken. Ze zijn goed aangepast aan een leven in een bosrijke omgeving, want door de donker-bruine vacht en hun slanke, hoge bouw vallen ze niet op tussen de donkere stammen van een bos.
Leefwijze en voedsel
De wisent leeft in kuddes van met vrouwelijke dieren en hun nakomelingen en worden geleidt door een oudere koe. Zij beslist wanneer waar naartoe wordt gegaan en wat te doen: rusten, herkauwen, grazen of drinken. Op drie- vierjarige leeftijd krijgt een koe haar eerste kalf. Zijn er meerdere kalfjes in een groep, dan rusten deze meestal in een crèche met een ouder dier als oppas.
Wanneer een koeien-groep te groot wordt splitst éé van de oudere koeien zich af en vertrekt met haar dochters en nakomelingen om een nieuwe koeiengroep te stichten. Jonge stieren vertrekken tijdens hun pubertijd uit de koeiengroep en sluiten zich aan bij een stierengroep. Met vier jaar zijn ze volwassen. Stieren en stierengroepen hebben leefgebieden die elkaar deels kunnen overlap-pen. De onderlinge rangorde wordt in gevechten bepaald. De wisent is voornamelijk 's nachts actief, maar laat zich ook overdag zien.
De wisent zijn herkauwers en leven van knoppen, bladeren, bast en twijgen van struiken en bomen, grassen en kruiden. Daarnaast
wordt hun voedsel aangevuld met eikels in de herfst en hei en altijdgroene bomen in de winter.
Voortplanting en leeftijd
In de voortplantingstijd, van augustus tot oktober, zoeken de stieren de koeiengroepen op. Dominante stieren dulden dan geen concurrenten in hun nabijheid. De sterkste stieren hebben hun leefgebieden op plekken waar zich meerdere koeiengroepen ophouden.
Jonge stieren of erg oude dieren ontlopen de dominante stieren en leven in leefgebieden nauwelijks koeiengroepen komen.
Kalveren worden geworpen in mei of juni. Een koe verlaat de kudde als ze gaat werpen.
Een wisent krijgt één kalf per worp die bij de geboorte slechts dertig kg weegt en is dan roodachtig grijs gekleurd. Na een week is het sterk genoeg om mee te lopen met dekudde en sluiten moeder en kalf zich weer bij de groep aan. Als een kalf 6 tot 7 maanden oud is, krijgt het de kastanjebruine kleur van volwassen dieren.Kalfjes kunnen slecht tegen teveel zonlicht en hebben schaduw nodig. Een kalf wordt zo'n zeven maanden gezoogd en blijft drie jaar bij zijn moeder. Een wisent kan zo'n 22 jaar oud worden.
In een van oudsher voor het publiek afgesloten duinterrein nabij de Kennemerduinen, het ruim 200 ha grote opent in een nieuw venster Kraansvlak toon HTML-versie van het document leven sinds 24 april 2007 wisenten. Tussen 2007 en 2011 vindt hier een pilot plaats met wisenten in de Nederlandse natuur, begeleid met wetenschappelijk onderzoek. In dit project werken PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland, Stichting Duinbehoud, ARK, FREE Nature en Stichting Kritisch Bosbeheer samen.
foto Coen van Oosterom
Het doel van dit project is om kennis en ervaring op te doen met wisenten in de Nederlandse situatie, de voedselstrategie zonder bijvoeren en het effect van deze diersoort op het duinlandschap, dynamiek en duinvegetatie. In deze periode zal de kudde een mate van natuurlijkheid ontwikkeld hebben waardoor ze een bijdrage kan leveren aan het behoud van deze bedreigde soort. De praktijkervaringen die hier met deze wilde rundachtige worden opgedaan kunnen gebruikt worden voor eventuele herintroductie elders in binnen- of buitenland in de toekomst.
Naast de interactie tussen wisent en landschap wordt ook gekeken naar het samengaan met andere aanwezige grazers en menselijke bezoekers. De proef start met een gewenningsperiode waarin de dieren alleen vanaf een uitkijkpunt of door het raster te zien zijn. Sinds kort worden ook excursies in het gebied gegeven. Na 5 jaar wordt het project geëvalueerd.